Pasen, het belangrijkste feest in het Christendom, begint eigenlijk al zeventig dagen voor het feest van de Opstanding van de Heer. Na Kerst, het feest van de geboorte van de Heer, vieren we het oudste kerkelijke feest: Epifanie, de verschijning van de Heer. Dat is het begin van de Epifaniëntijd, de tijd waarin we de rondgang van Jezus op aarde gedenken, zoals beschreven in de Evangeliën. De laatste drie zondagen beginnen we af te tellen: Septuagesima (de zeventigste) Sexagesima (de zestigste) en Quinquagesima (de vijftigste dag voor Pasen). In de week die volgt vieren we Aswoensdag, het begin van de Veertigdagentijd. We vieren op die dag een korte dienst van boete, waarin we de Palmpasentakjes van het vorige jaar verbranden. Met de as tekent de voorganger een kruis op het voorhoofd: het askruisje.
In de veertig dagen die volgen, staan we stil bij het lijden. Het lijden van de Heer, het einde van zijn tijd op aarde, zoals in de Evangeliën beschreven, maar ook het lijden van Israël, op weg naar het joodse feest van Pesach, het feest van de bevrijding van het volk uit Egypte. Elke zondag in deze periode heeft een eigen naam: Invocabit, Reminiscere, Oculi, Laetare (halfvasten), Judica en Palmzondag - de zondag waarmee de Goede Week begint. In de traditie van de oude kerk zijn de veertig dagen voor Pasen een tijd van vasten: een periode waarin de gelovigen minder eten en drinken en wat overbijft aan de armen geven. Dat doen we nog steeds. Veel gemeenteleden matigen hun eet- en drinkgewoonten, of geven iets anders op. Onze kerkdiensten zijn ook soberder: we maken geen gebruik van het grote orgel en in de eigen orde zingen we geen gloria. De liturgische kleur voor deze periode van het kerkelijke jaar is paars: de kleur van het lijden.
Tijdens de Veertigdagentijd zamelen we, tot slot, naar oud gebruik geld in voor een goed doel. Dit jaar is dat Geven om Congo. We steunen de spirituele vorming voor de lekenbeweging van twee kloosters in Congo en Rwanda, een project voor kleinvee (geiten en varkens) voor vrouwen, en het onderwijs (schoolgeld en schooluniformen) voor de wezen die door de kloosters opgevangen worden.
Oudekerkgemeente